Utrecht. Het feestje liep op een eind. Mijn besluit om niet langer te blijven hangen was snel genomen toen de leukste meisjes vertrokken. De aangeboden lift naar een station bleek een uitkomst, want buiten hoosde het. Aangekomen op het verlaten perron 2 van station Amsterdam RAI, bleek dat de trein van 6 over 12 een paar minuten vertraging had. Met rode letters stond op het aankondigingsbord dat voor de richting Utrecht overstappen noodzakelijk was.
Op station Duivendrecht was het ongebruikelijk druk voor dit tijdstip. Een spoorwegmedewerker riep dat de trein naar Utrecht niet vanaf het gebruikelijke spoor vertrok. De lichtkrant toonde knipperend een tekst over stroomstoring in Midden Nederland. Mopperende mensen overal. Uit de speakers kwam het bericht dat er geen treinen meer richting Utrecht gingen. Een oplossing voor de problemen van de reizigers werd niet aangedragen. De meeste mensen in de stationshal bleven rustig en lieten de berichten gelaten over zich heen komen. Een meisje begon te huilen in de armen van haar vriend. Het was haar dag niet. De NS medewerkers werden aangesproken door de meest boze of moedeloze figuren. Het beste wat het slecht geïnformeerde personeel kon doen was vertrekken en dat deden ze na een kwartiertje ook, nadat een donkere jongen helemaal flipte.
Maar spoorleed schept ook een band. Er werden groepjes geformeerd die samen in onderhandeling gingen met taxichauffeurs die hun slag wilden slaan. Overal ontstond spontaan contact. De verschillende mogelijkheden werden op een rij gezet en er was overleg tussen jong en oud.
Na een tijdje verscheen een bus. Die zat binnen een paar minuten tot het dak toe vol. Een tweede bus richting Utrecht bood ruimte aan de overgebleven mensen. Langzaam werd het weer rustig en stil op station Duivendrecht, zoals het ook hoort om half een 's nachts.
In de bus zat een groep operaliefhebbers die terug naar Nijmegen moest. Dat leverde een aardig gesprek op over muziek, de trein of de auto en het beleid van kabinet Balkenende. Weinig mensen in deze noodbus hadden begrip voor de problemen van de spoorwegen.
Het busstation achter Utrecht Centraal, bij het Beatrixtheater, was om half twee stil en verlaten. Een man in een lichtgevend oranje hesje stond de laatste reizigers te verwijzen naar taxi's. De groep uit Nijmegen verdween in het donker.
Op station Duivendrecht was het ongebruikelijk druk voor dit tijdstip. Een spoorwegmedewerker riep dat de trein naar Utrecht niet vanaf het gebruikelijke spoor vertrok. De lichtkrant toonde knipperend een tekst over stroomstoring in Midden Nederland. Mopperende mensen overal. Uit de speakers kwam het bericht dat er geen treinen meer richting Utrecht gingen. Een oplossing voor de problemen van de reizigers werd niet aangedragen. De meeste mensen in de stationshal bleven rustig en lieten de berichten gelaten over zich heen komen. Een meisje begon te huilen in de armen van haar vriend. Het was haar dag niet. De NS medewerkers werden aangesproken door de meest boze of moedeloze figuren. Het beste wat het slecht geïnformeerde personeel kon doen was vertrekken en dat deden ze na een kwartiertje ook, nadat een donkere jongen helemaal flipte.
Maar spoorleed schept ook een band. Er werden groepjes geformeerd die samen in onderhandeling gingen met taxichauffeurs die hun slag wilden slaan. Overal ontstond spontaan contact. De verschillende mogelijkheden werden op een rij gezet en er was overleg tussen jong en oud.
Na een tijdje verscheen een bus. Die zat binnen een paar minuten tot het dak toe vol. Een tweede bus richting Utrecht bood ruimte aan de overgebleven mensen. Langzaam werd het weer rustig en stil op station Duivendrecht, zoals het ook hoort om half een 's nachts.
In de bus zat een groep operaliefhebbers die terug naar Nijmegen moest. Dat leverde een aardig gesprek op over muziek, de trein of de auto en het beleid van kabinet Balkenende. Weinig mensen in deze noodbus hadden begrip voor de problemen van de spoorwegen.
Het busstation achter Utrecht Centraal, bij het Beatrixtheater, was om half twee stil en verlaten. Een man in een lichtgevend oranje hesje stond de laatste reizigers te verwijzen naar taxi's. De groep uit Nijmegen verdween in het donker.
Mijn problemen waren te overzien, ik was verdacht rustig gebleven. Dat kwam vooral omdat ik al wist dat mijn vriendin deze avond vier en een half uur had gedaan over het traject Leiden-Utrecht. De afgelopen maanden heb ik vier keer met het openbaar vervoer gereisd. Twee van de vier keer heb ik ernstige vertraging opgelopen. Wat mij betreft blijven de treinen voorlopig lekker oefenen en neem ik gewoon weer de auto.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten
Ik wil reacties altijd eerst even lezen, voor ze op dit weblog worden geplaatst. Daarom kan het even duren voor een reactie wordt gepubliceerd. Ik plaats niet zomaar elke reactie. Het is mijn weblog, dus ik bepaal wat ik een goede reactie vind en wat niet. Als je het er niet mee eens bent, dan moet je lekker zelf een weblog beginnen.
Anonieme reacties zal ik extra kritisch bekijken.