zaterdag 20 mei 2017

FILMEN IS EEN VAK!


Om te beginnen wil ik je vragen om kort naar onderstaand filmpje te kijken. Als je dat niet kan opbrengen -waarvoor alle begrip- dan hoef je dit niet tot het eind uit te zitten, maar kijk even voor het idee.






Technisch is deze video het beste te vergelijken met de eerste tekenkrabbels van een peuter. Die zijn leuk om naar opa en oma te sturen, maar uiteraard totaal niet geschikt voor een expositie. Normaalgesproken worden kinderen aangespoord om eerst jarenlang te oefenen en denkt niemand na de eerste wascostrepen of afgebroken potloodpunt al aan het toelatingsexamen voor de kunstacademie. Behalve bij het AD. Daar zijn de eindredacteuren van de afdeling video trotse ouders die denken dat hun kind van anderhalf de nieuwe Picasso is. Anders kan ik me niet voorstellen waarom ze deze belabberde video online hebben gezet. Op elke serieuze AV-opleiding worden eerstejaars studenten gelijk terug gestuurd om het opnieuw te proberen of krijgen ze een dikke vette onvoldoende voor zulk ondermaats prutswerk. Zelfs geen drie voor de moeite.
Dit filmpje is een voorbeeld van totale minachting en verloedering van het vak cameraman. Iedereen kan tegenwoordig filmen, omdat elke iPhone beschikt over een camera die kwalitatief beter is dan de lompe camera’s waarmee ik jarenlang heb lopen zeulen voor de nationale televisie, maar de kwaliteit van apparatuur zegt helemaal niets. Het gaat er nog altijd om wat je er mee doet. De maker van dit diepte-interview heeft in elk geval op geen enkele wijze kennis genomen van de basisvaardigheden die je als cameraman zou moeten hebben. Alleen begint het er sterk op te lijken dat dit anno 2017 ook niets meer uit maakt.  Zelfs een gerenommeerd nieuwsmerk als het AD pleurt alles online.
Het beeld schokt alsof de filmer lijdt aan een ernstige vorm van Parkinson. De mevrouw die een emotioneel verhaal vertelt is slechts half in beeld en kijkt in de verkeerde richting, met haar neus tegen de kaderrand. Doodzonde. Homevideo for Dummies, bladzijde 1. Dat staat nog vóór de inleiding! Tot overmaat van ramp zijn ze in de montage vergeten om alle herrie van de cameramicrofoon dicht te draaien en is het gesprek hierdoor haast onverstaanbaar. Na afloop van dit vreselijke filmpje hebben ze geen ‘uitpunt’ aangegeven, waardoor het na het AD logo op zwart springt en nog twintig seconden door loopt. Wie zich echt verveelt en blijft kijken ziet helemaal aan het eind nog een vuil shot. Slordig, slordig, slordig…
Je ziet steeds vaker dat websites er voor kiezen om met video te gaan werken. Blijkbaar kan je daarmee extra veel hits krijgen en dat is natuurlijk interessant voor de advertentie-inkomsten. En omdat iedereen het doet, doet iedereen het. De Linda, de Telegraaf, de Libelle, Albert Heijn, NU.nl en het AD. Alleen mag het niks kosten. Ze trekken een blik studenten open of huren voor een paar knikkers, spiegeltjes en wat kraaltjes een paar werkelozen in en gokken er op dat daar vroeg of laat misschien een gratis pareltje tussen zit. Enige kennis van zaken is niet noodzakelijk. Een veelgehoord excuus is: ‘Mijn moeder ziet het toch niet…’ als iets niet goed is en dat is dus een reden om alle vuilnis gewoon online te zetten. Ik vind dat onderschatting en een grove belediging voor alle moeders.
Waarom ik me zo boos maak?
Ik krijg hier jeuk van. Het moet verboden worden. De videoot die een beetje heeft staan stofzuigen met zijn My first Sony durft zich waarschijnlijk ook gewoon cameraman te noemen, terwijl hij pek met veren verdient. De brandstapel, met camera én microfoon. Of op zijn minst vier jaar terug naar de schoolbanken. Filmen is een vak!
De hoogste straf verdient echter degene die besloten heeft dat deze bewegende beelden goed genoeg zijn om ze online te zetten. Waar zijn de chefjes van het AD die niet ingrijpen? Dat een filmpje van zulke beroerde kwaliteit op de site van een serieus nieuwsmedium terecht komt lijkt mij een vreselijk ongeluk, maar dat vervolgens niemand tot het inzicht komt om het er ook weer héél snel vanaf te halen is misdadig. Waar is de camerapolitie als je hem nodig hebt?

maandag 15 mei 2017

naar de haaien

Zapp Your Planet: Haai-Alarm! heeft afgelopen zaterdag 621.780 euro opgebracht voor het Wereldnatuurfonds. Gedurende de dag kwamen duizenden kinderen naar het Mediapark in Hilversum om geld te doneren voor de bedreigde haaien. Het mooie van deze inzameling is dat het geld hoofdzakelijk door kinderen bij elkaar is gespaard. Het is eerlijk verdiend door cup cakes te bakken en te verkopen, lege flessen weg te brengen of andere simpele haaitjes-voor-een-karweitjes. Niet eerder bracht de actie Zapp Your Planet zoveel op.
Voor mij was dit het derde jaar op rij dat ik mocht meewerken aan deze geweldige, tien uur durende, tv-marathon op NPO Zapp. Het programma in Studio 21 werd gepresenteerd door Klaas van Kruistum en uiteraard kwam Freek Vonk regelmatig langs om te vertellen over het nut van deze actie. Verder leverden alle programma’s en presentatoren van Zapp een bijdrage. Tussen negen uur ’s ochtends en tien over half zeven ‘s avonds waren we (op een klein uurtje na) non-stop live op zender. Al die tijd vloog ik met een zware camera op mijn schouder van positie naar positie. Van optreden naar interview, van spel naar quiz, naar demonstratie of veiling. Heerlijk! Je kan mij geen groter plezier doen. Lekker knallen. Het voordeel van zulk soort kindertelevisie is dat het juist met zo’n handcamera behoorlijk speels mag. Je kan nog eens hard achter iemand aan hollen of een wilde beweging maken. Ik noem dat altijd gooien en smijten met de camera; stofzuigen met je groothoeklens. In zulke situaties ben ik op mijn best.
Maar je zal begrijpen dat ik aan het eind van deze lange dag behoorlijk naar de haaien was. Negen uur  achter elkaar rennen, springen, vliegen, duiken, vallen, opstaan en weer doorgaan met tien kilo camera op je nek gaat niemand in de koude kleren zitten. Het warme bad na afloop was welverdiend. 
Zondag had ik behoorlijk last van spierpijn en dat was eerlijk gezegd toch nog onverwacht. Doorgaans is er namelijk niets aan de hand na zo’n pittige klus. Bovendien had ik nu lichamelijk ongemak op een specifieke plek en dat was niet in mijn rug of bij de schouders. Ik voelde mijn billen! Vandaag was het al minder, maar het zat er wel. Eerlijk gezegd begreep ik niet helemaal waar dit precies vandaan kwam tot ik een collega sprak die er bij was. Hij wist het gelijk.
Ik heb zaterdagmiddag namelijk drie keer tien minuten Veiling-tv gedaan. Een rubriek waarbij twee presentatoren als haai verkleed in een rubberbootje zaten. We hadden bedacht dat het misschien lollig was om deze act met slechts één camera in beeld te brengen en zo met het apparaat te bewegen dat de kijker zou kunnen denken aan de deining van water. Een geintje. Hiervoor heb ik dus drie keer tien minuten staan wiegen met mijn heupen. Blijkbaar zijn mijn bilspieren dat niet meer gewend. Ik weet heus wel dat ik ook een dagje ouder word en niet meer zo soepel ben als Epke Zonderland, maar dit had ik niet verwacht. Het mag de pret overigens niet drukken. We hebben 621.780 euro opgehaald! Als ze me zouden vragen zou ik nu gelijk weer zo’n dag willen draaien. En een beetje spierpijn maakt natuurlijk geen reet uit.








vrijdag 12 mei 2017

de planning

Hoewel ik al jaren mijn uiterste best doe om zoveel mogelijk telefoonnummers met naam en toenaam in het geheugen van mijn smartphone op te slaan, komt het nog steeds voor dat er slechts cijfers in het display verschijnen wanneer iemand belt. Deze keer is het een onbekend 06 nummer.
‘Met Jan Rein…’ zeg ik zo vriendelijk mogelijk.
'Hoi! Goedemiddag, met Lucy...'
De prachtige stem aan de andere kant van de lijn klinkt als muziek in mijn oren, maar er gaat niet gelijk een belletje rinkelen.
'Ben jij morgen toevallig nog vrij?' vraagt ze. Deze openingszin en vooral de toon waarop Lucy spreekt doen vermoeden dat wij elkaar kennen, maar wie is dit en voor welke opdrachtgever werkt ze? Het is zo lullig als ik te koeltjes reageer en dadelijk blijkt dat ik het natuurlijk gelijk had moeten weten. Ik wil zeker niet arrogant overkomen. Er speelt bovendien nog iets anders: Toevallig ben ik morgen beschikbaar, maar als ik nu te happig zeg dat ik kan werken, loop ik het risico te worden opgezadeld met een opdracht die mij totaal niet aanstaat. De radertjes in mijn hoofd draaien op volle toeren.
Als freelance cameraman heb je met veel verschillende planners en producers te maken. Het verloop is bij sommige omroepen en bedrijven helaas vrij groot. Dat is onhandig, omdat een goede band met de mensen die je inhuren essentieel is. Vaak mag een regisseur of verslaggever zijn voorkeur uitspreken, maar voor veel projecten zijn het planners die zoeken naar iemand die de klus het beste kan klaren. In zulke gevallen moeten ze wel aan je denken. Opdrachten worden je gegund en planners mogen niet te snel afhaken als je een paar keer achter elkaar niet kan. Het helpt als je op een leuke manier contact met elkaar hebt. Het is namelijk ook een kwestie van geven en nemen. Daarom is het prettig als je elkaar af en toe even in de ogen kan kijken, maar ik kom helemaal niet bij al die planners over de vloer. Enkele ken ik alleen van de telefoon. Soms zitten zij in zo’n goed beveiligde omgeving dat je niet zonder afspraak binnen kan lopen. Even gezellig buurten vind ik sowieso lastig, omdat het al snel lijkt alsof je komt leuren om werk. Spreek je ze nooit, dan bouw je ook niets op. De uitdrukking ‘uit het oog, uit het hart’ is jammer genoeg ook van toepassing.
Heb je eindelijk een prettig contact opgebouwd met de planner of producer; gaat hij weg of wordt ze zwanger. De afgelopen maanden wemelt het van de vacatures voor planners in Omroepland. Bij elk groot facilitair bedrijf zoeken ze wel iemand. Binnenkort is er dus een nieuwe lichting en moet ik er weer voor zorgen dat zij mij straks weten te vinden. Ik wil niet klagen, maar ze vergeten bijna altijd om de freelancers even te informeren over nieuwe hulptroepen op kantoor. Daar komen wij pas achter als Lucy al lang en breed is ingewerkt, haar proeftijd voorbij is en ook zij in de veronderstelling leeft dat ze mij wel eens aan de lijn gehad moet hebben.
‘Waar is het voor?’ vraag ik aan Lucy, in de hoop dat door het antwoord alles op zijn plek valt.
‘Nou, ik begreep van de kinderen dat ze met elkaar willen afspreken en ik moet even naar de kapper, dus wilde ik vragen of ze na school bij jullie zouden kunnen spelen…’
Oh ja. Tuurlijk. Lucy is de moeder van Abel.



Deze column schreef ik voor BM (voorheen Broadcast Magazine), hét mediavakblad van Nederland. Elke maand mag ik een stuk schrijven voor dit tijdschrift in de reeks ‘Point of view’.