Posts tonen met het label Covid-19. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Covid-19. Alle posts tonen

zaterdag 30 mei 2026

Dag The Crew, hallo DMC Production!

 

Ik had pas een paar keer voor The Crew gewerkt toen we in november 2016 naar Assisi gingen voor een project van de Amerikaanse publieke zender PBS. Daarvoor had ik wel vier dagen Idols voor ze gedraaid en ik kende de eigenaren Job en Ivo van allerlei opdrachten waar zij Steadicam deden, maar die opdracht was met terugwerkende kracht mijn eerste echte kennismaking met dit facilitair bedrijf. Het was nog een kleine club. Ze hadden net hun Flexibele Broadcast Unit gebouwd. Die bestond uit een materiaalwagen en een ruime trailer met de nieuwste meercamera technieken. De vuurdoop van deze fonkelnieuwe productiefaciliteit was dus tijdens een opname voor de Amerikaanse publieke omroep, helemaal in het midden van Italië. Je moet het maar durven.

Inmiddels zijn we tien jaar verder en heb ik, als ik goed gerekend heb, 343 dagen voor The Crew gewerkt. In die tijd heb ik het bedrijf enorm zien groeien. Eind 2019 kwam er een tweede regiewagen. Zo’n serieuze, uitschuifbare Outside Broadcast Truck met daarbij een echte materiaalwagen. Ook toen die in gebruik werd genomen was ik erbij. Dat was bij het NK Veldrijden in 2020. Wederom waren Job en Ivo niet bang om met een groot project in het diepe te springen. Daarmee laten zij zien dat het echte ondernemers zijn. Ze grijpen kansen met beide handen aan. Hun motto daarbij was ‘no guts, no glory!’ 

In 2021 mocht ik mee toen ze voor het eerst The Scrooge deden en een paar maanden later stond zelfs The Passion op ons menu. Dat project was tot dan toe alleen nog maar weggelegd voor de grootste facilitaire bedrijven. We gingen het NK Wielrennen doen en schaatsen in Thialf. Ondertussen groeide The Crew ook met steeds meer eigen personeel. Een aantal van die mensen beschouw ik inmiddels niet alleen als collega, maar het zijn ook vrienden geworden.

Bij The Crew heb ik veel kansen gekregen om mezelf te ontwikkelen, ondanks het feit dat ik freelancer ben. Ze huren mij vaak in als eerste cameraman en dan mag ik meedenken over cameraposities, lenzen en de samenstelling van een team. Tijdens de klus heb ik dan best wel wat verantwoordelijkheid, maar ik krijg daar ook de ruimte om die te pakken. Dat waardeer ik enorm. Ik heb ze geholpen met de begeleiding van een groepje jonge cameramensen toen dat nodig was en onlangs mocht ik zelfs regie doen tijdens een wielerkoers. 

Mijn hart en loyaliteit hebben ze vooral voor altijd gewonnen op de momenten waarop ik het persoonlijk even moeilijk had. De eerste keer was toen Facility House werd overgenomen door NEP en ik opeens veel minder werk had. Toen was het The Crew die de grootste klap voor mij opving. Op het moment waarop mijn moeder slecht lag hadden ze alle begrip en ook toen mijn vader net was overleden stonden de mensen van The Crew voor mij klaar. Dat vergeet ik nooit meer. Maar het mooiste voorbeeld blijf ik de coronatijd vinden. Alle grote bedrijven sloten hun deuren voor freelancers. Zij hadden hun handen vol met hun eigen problemen en ook The Crew zat opeens in zwaar weer, maar daar bleven ze meedenken met de freelancers die ze veel inhuurden. Ik weet nog dat ik in die donkere periode een keer een camera nodig had voor een eigen project en dat ik met Job ‘ruzie’ kreeg, omdat hij mij geen factuur wilde sturen en ik juist heel graag netjes wilde betalen. Dat vond ik zo bijzonder dat ik nog steeds bij The Crew mijn cameraset inhuur als ik er eentje nodig heb.

 

Ik heb al mijn opdrachtgevers lief en (eerlijk is eerlijk) ik heb ze ook allemaal even hard nodig, maar The Crew is niet zomaar een opdrachtgever voor mij. Door alles wat wij samen de afgelopen 10 jaar hebben meegemaakt voelt het een klein beetje als thuiskomen als ik voor ze mag werken en dat is heel prettig voor een freelancer. 

Deze week was er een feestje. In Hilversum werd het nieuwe pand officieel geopend en daar werd bekend gemaakt dat The Crew vanaf nu verder gaat onder de naam DMC Production. Dat zat er al een tijdje aan te komen, sinds de overname door dit Scandinavische bedrijf. Het is een logische stap die past bij de groei die het bedrijf doormaakt. Persoonlijk vind ik het wel jammer dat er weer een mooie vertrouwde bedrijfnaam verdwijnt, maar het zal vast snel wennen. Ik hoop vooral dat er in de manier van (samen)werken niet te veel zal veranderen. 

 

 

 

(foto: Sander Mulkens)

woensdag 3 november 2021

Beste #ikdoenietmeermee,

 

De hashtag #ikdoenietmeermee, die al de hele dag trending is op Twitter, doet mij vooral denken aan kleine kinderen die boos worden tijdens het spelen van een spelletje, alle ganzen van het bord slaan en stampvoetend weglopen terwijl ze brullend roepen: 'Ik doe niet meer mee!' Het is een buitengewoon infantiele reactie van iemand die niet tegen zijn verlies kan of zijn zin niet krijgt.

 

Ik weet niet waar jij was met kerstavond, maar ik was in het Universitair Medisch Centrum van Maastricht. Om precies te zijn op de IC bij mijn doodzieke moeder. Naast mijn moeder lag een man op zijn buik aan de beademing en ook de mevrouw aan de andere kant was in een diepe slaap met een soort kleine stofzuigerslang in haar mond. Op die zaal lagen nog een stuk of zes coronapatiënten. Het verplegend personeel holde van bliep naar piep. Tegen beter weten in probeerde ik mijn lieve moeder moed in te praten. In haar ogen zag ik alleen maar onrust en angst. Ze had het benauwd en kon amper iets terug zeggen. 

Ook voor mij was corona gedurende het hele jaar 2020 voornamelijk een economisch probleem. Ik zal nooit vergeten dat op 12 maart (de verjaardag van mijn moeder) binnen twee uur tijd mijn hele agenda leeg geveegd werd. Alles geannuleerd door de eerste lockdown. Die eerste maanden heb ik me als ZZP'er grote zorgen gemaakt over mijn inkomsten, mijn buffer en over mijn toekomst als freelance cameraman. Natuurlijk volgde ik het nieuws over het virus en de pandemie. Op tv zag ik reportages over volle ziekenhuizen en met pijn in mijn buik keek ik naar het programma Frontberichten, maar het bleef een ver-van-mijn-bed-show. De eerste keer dat ik een mondkapje moest dragen vond ik dat behoorlijk belachelijk. Wat kon mij nou gebeuren?

En toen kreeg ik begin december het bericht over de positieve test van mijn moeder. Ze had het virus opgelopen ín het ziekenhuis, waar ze lag om te herstellen van een zware buikoperatie. De eerste week leek het mee te vallen met de coronaverschijnselen en maakten wij ons voornamelijk druk over complicaties die betrekking hadden op haar operatie. Dat er maar een half uur per dag iemand bij haar op bezoek mocht was onmenselijk. Ze lag daar moederziel alleen op een klein kamertje, de hele dag een beetje te staren naar de klok, terwijl ze steeds zieker werd. Een week voor kerst ging het opeens hard achteruit. 

Kerstavond, bleek achteraf, was de laatste keer dat ik mijn moeder gesproken heb. Na een half uurtje werd mij vriendelijk verzocht om weer te gaan en gooide ik mijn plastic handschoenen, medisch mondkapje en het blauwe schort in een afvalbak die vol zat met beschermingsmiddelen. De IC verpleegkundige, die ik bij mijn vertrek kort sprak over de toestand van mijn moeder, had op zijn neus een donkerrode plek van de klemmende mondkapjes die hij de hele dag moest dragen. Ik vroeg hem om goed voor mijn moeder te zorgen en liep vervolgens snikkend naar de lift, waar ik even moest wachten op twee verplegers met een bed waarin iemand lag met een laken over het hoofd.

Op Tweede Kerstdag moest mijn moeder aan de beademing. Vanaf dat moment werd ze in een diepe slaap gehouden. Volgens de artsen was het er op of er onder. Het werd... er onder. 

Op 31 december 2020, rond een uur of vijf, is mijn moeder overleden. Mijn zus en ik stonden aan haar bed. Om ons heen allemaal coronapatiënten die vochten voor hun leven. Een beeld dat ik nooit meer van mijn netvlies zal krijgen. 

Mijn moeder was verzwakt door de operatie en voor die tijd al niet helemaal topfit. Ze was 76, maar mijn lieve moeder was zeker geen 'dor hout'. Wat hadden we graag nog een paar jaren willen genieten van haar liefde en wijsheid. Dat had ook zeker tot de mogelijkheden behoort, als ze niet van de een of ander corona had gekregen. Zij heeft het virus niet opgelopen, omdat ze onvoorzichtig was. Integendeel. Ze heeft het gekregen in het ziekenhuis, waarschijnlijk van een onwetende bezoeker aan een ander bed. Het is een loterij. Domme pech. 

De ene coronapatiënt heeft nauwelijks klachten en is hooguit een verspreider van het virus, de ander wordt doodziek en weer anderen redden het niet. De zorg is er al anderhalf jaar super druk mee. Deze week sprak ik iemand die al maanden vol spanning wacht op een operatie, omdat er niet genoeg IC plekken beschikbaar zijn. Ik denk nog vaak aan de mensen van de IC in Maastricht, die ons op een geweldige manier hebben begeleid in die vreselijke laatste week van 2020. Hoe houden zij het vol? Zouden ze er nog werken?

 

We zijn allemaal klaar met corona. Niemand zit te wachten op mondkapjes. Ook Mark Rutte, Hubert Bruls, Jaap van Dissel, Diederik Gommers en Hugo de Jonge willen liever geen nieuwe beperkende maatregelen, maar we zitten met z'n allen in hetzelfde schuitje. Als je nu roept: #Ikdoenietmeermee, dan lost het probleem zich niet vanzelf op. Als je niet meer mee doet, dan is dat een egoïstische en vooral een onvolwassen keuze. Jouw vrijheid gaat uiteindelijk ten koste van de vrijheid van anderen. Boos zijn heeft weinig zin. Kont tegen de krib al helemaal niet. Zonde van de energie. Ga een rondje fietsen. Haal diep adem. Tel tot tien. 

'Ik doe wel mee' is net zo flauw en sneu. Het zorgt voor een tweedeling en nieuwe irritaties. Laten we lief zijn voor elkaar. Naar elkaar luisteren. We moeten nodig met elkaar op zoek naar de nuance. Respect tonen voor elkaar, maar ons ook realiseren dat vrijheid zijn grenzen kent. En laten we vooral toch snel stoppen met ons te gedragen als een stel kleuters die hun zin niet krijgen. 






dinsdag 8 juni 2021

ZZP en Den Haag – the continuing story


Over de stand van zaken op het gebied van ZZP-beleid organiseert het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid met enige regelmaat een Stakeholdersbijeenkomst voor belanghebbenden. Die ‘stakeholders’ dat zijn voornamelijk vakbonden, werkgeversorganisaties en lobbyclubs die in Den Haag makkelijk een voet tussen deur weten te krijgen. Ik heb niet het gevoel dat de politiek ook echt luistert naar de ZZP’er zelf. Die is namelijk niet of nauwelijks verenigd en heeft geen lobbyisten in dienst. Bovendien zijn er zoveel totaal verschillende ZZP’ers, met ieder hun eigen wensen en belangen, dat daar ook geen beginnen aan is. Zolang er niet enige structuur wordt aangebracht in de enorme variëteit aan ZZP’ers en gewerkt wordt aan een paar goede definities, blijft het aanmodderen.

Afgelopen donderdag was er weer zo’n Stakeholdersbijeenkomst waarin het ‘werkveld’ werd bijgepraat rond het thema ‘Werken als zelfstandige’. Online dit keer. In een tot studio omgebouwde vergaderzaal zaten Wouter Koolmees (demissionair minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, D66), Mona Keijzer (demissionair Staatssecretaris van Economische Zaken, CDA) en Hans Vijlbrief (demissionair Staatssecretaris van Financiën, D66). Ze werden aan een geïmproviseerde talkshowtafel ondervraagd door een lieve presentatrice. Tussendoor waren er een paar korte presentaties van ambtenaren.

Als ZZP’er volg ik dit dossier sinds 2016 met bijzondere aandacht. Dankzij dit weblog en de vele gesprekken dit ik met verschillende partijen over dit onderwerp heb gevoerd, is het mij gelukt om op de gastenlijst voor deze bijeenkomsten te komen. In het begin waren die sessies super interessant, maar ik kreeg al snel het gevoel dat de bewindspersonen op dit terrein steeds verder vast kwamen te zitten in het moeras van partijpolitiek, belangenclubs en Europese wetgeving. Het veranderen van de spelregels lijkt vrijwel onmogelijk. Plannen voor een minimum tarief sneuvelden en ook een opt-out voor zeer goedbetaalde freelancers kwam er niet. Het plan voor een verplichte arbeidsongeschiktheidsverzekering kwam op een vreemde manier tot stand en is nog steeds niet uitgewerkt. Het uit 1907 stammende woordje ‘gezagsverhouding’ blijkt als een betonnen bunker verankerd te zitten in de wetgeving. Niemand kan daar nog mee uit de voeten, maar het is met geen mogelijkheid uit de regels te slopen.

Ik was razend benieuwd wat de bewindspersonen dit keer te melden hadden en had speciaal vrij gehouden voor deze online sessie op 3 juni. Jammer genoeg draaide het uit op een grote teleurstelling. We zijn in vier jaar tijd geen stap verder gekomen. Dat wist ik al, maar aan tafel keuvelden de demissionaire bewindspersonen alsof het begin 2018 was. Koolmees en Keijzer zaten niet echt op één lijn en van de nieuwe staatssecretaris Vrijbrief kreeg ik het idee dat dit dossier voor hem nog vrij onbekend was. Bovendien moest hij eerder weg. De door het ministerie ingehuurde presentator legde haar ‘gasten’ niet het vuur aan de schenen en met de input van kijkers werd niets gedaan. De stellingen waarop wij via Mentimeter konden reageren waren van een discutabel niveau. De uitslag van die online enquête zei verder ook niks. Voor constructieve bijdragen of kritische vragen van kijkers was aan het eind geen tijd meer.

 

Het meest opmerkelijke van de middag was dat Mona Keijzer stelde dat er ‘nog heel wat heilige huisjes geslecht moeten worden’. Ze doelde op alle freelancers die hun zaken niet op orde hebben en voor wie de coronacrisis keihard is aangekomen. ‘We hebben de nadelen echt gevoeld van de vele ZZP’ers in de evenementenbranche en horeca,’ zei ze. 

Het was te verwachten dat we het als ZZP’ers om de oren krijgen dat er het vorig jaar in de eerste lockdown gelijk massaal gebruik gemaakt is van de TOZO, terwijl je zou verwachten dat een goede ondernemer een buffertje heeft voor slechte tijden. Maar Keijzer vergeet even dat in vaste dienst misschien wel meer mensen geholpen zijn door de NOW. Het is dus helemaal niet terecht om de coronacrisis te gebruiken als stok om de ZZP’ers nu mee te slaan. 

Ik ben van mening dat de wetgever het zelf schuld is dat er zo’n wildgroei is ontstaan aan zelfstandigen die hun winkel niet op orde hebben. Door de VAR jarenlang niet te handhaven hebben ze dat zelf in de hand gewerkt. Nu kijken ze de hele tijd naar de opdrachtgever kijken, maar je moet de ZZP’er zelf verantwoordelijk maken voor zijn eigen arbeidsongeschiktheidsregeling, een gezonde buffer en het op een of andere manier opbouwen van een pensioen. Eis dat ze niet leunen op een of twee opdrachtgevers, dat ze investeren in hun eigen ontwikkeling en actief aan acquisitie doen. Als je dat doet kan een freelancer namelijk niet langer tegen bodemprijzen werken, voorkom je voor een deel oneerlijke concurrentie en krijg je uiteindelijk voornamelijk ZZP’ers die daar zelf doelbewust voor kiezen. Het kijken naar een gezagsverhouding, wat ze met de huidige webmodule nog steeds voor ogen hebben slaat echt helemaal nergens op.

 

Dolgraag had ik voor het Ministerie deze livestream willen verzorgen. Dan had ik halverwege de sessie de deuren van het provisorische studiootje op slot gedraaid en op alle schermen in het decor de tekst getoond : “Jullie mogen er pas uit als jullie iets nieuws en iets zinnigs gezegd hebben!”




dinsdag 6 april 2021

Als ik je weer zie...

Afgelopen zaterdag heb ik mijn bijdrage mogen leveren aan het programma 'Als ik je weer zie...'  Een live show van BNNVARA, waarin speciale aandacht werd geschonken aan alle mensen die normaal gesproken achter de schermen werken bij theater en cultuur. De belichters, geluidsmensen, grimeurs, garderobemedewerkers, suppoosten in musea, toiletjuffrouwen, horecapersoneel, decorbouwers en alle anderen die inmiddels meer dan een jaar werkloos thuis zitten.

In het grote verlaten Ziggodome realiseerde ik me voor de zoveelste keer hoe gelukkig ik me mag prijzen dat de televisiewereld inmiddels weer op volle toeren draait en dat er zoveel livestreams bij gekomen zijn. Na die gekke eerste maanden van de coronacrisis rijdt mijn zakelijke treintje weer, maar dat is dus helemaal niet vanzelfsprekend en het geldt zeker niet voor iedereen.

Het is een heel groot voorrecht dat wij nog af en toe in theaters en concertzalen komen. Ik was de afgelopen maanden nog in het Muziekgebouw in Eindhoven, Theater aan het Vrijthof, het Circustheater, Paradiso, Carré, Tivoli Vredenburg of in Ziggodome. Wij zien de livemuziek die verder iedereen zo moet missen wél en wij zien elkaar ook weer. Maar we zien ook hoe treurig het is gesteld met de cultuurwereld. Het is een slagveld. Ik heb dansers gesproken die niks kunnen doen, theatertechnici die niet meer kunnen dan het poetsen van lampen en muzikanten die snakken naar publiek en applaus. Het is een ramp.

Natuurlijk kan het nu niet anders. Ik heb ook met eigen ogen een overvolle IC gezien. Geen twijfel, maar wat zal ik blij zijn als we over een paar maanden weer los kunnen in volle theaters en in zalen met publiek. Met liefde plak ik dan weer mijn kabels af of zet ik mijn camera iets lager, zodat de toeschouwers achter mij het ook goed kunnen zien. 

Ondertussen leef ik enorm mee met alle freelancers in de culturele sector die momenteel op een houtje bijten. Denk dan niet alleen aan de artiesten ín de spotlights, maar vooral ook aan de mensen die de spotlights normaal gesproken bedienen. Velen hebben het momenteel echt zwaar.

Ik hoor ook dat er straks een aantal van hen niet meer terugkeren naar de zalen, festivals en podia. Zij hebben inmiddels ander werk gevonden en vinden het wel goed zo. Meer regelmaat, zekerheid of een betere beloning. Niet meer alle avonden en weekenden werken. Ik kan ze geen ongelijk geven. Maar als na de zomer weer een nieuw cultureel seizoen begint, zou dat wel eens tot een tekort aan ervaren krachten kunnen leiden. Hopelijk valt het mee en gaan alle geplande voorstellingen gewoon door, maar helemaal vanzelfsprekend is dat niet. 

Hoewel het met mij nu goed gaat heb ik nog steeds het gevoel dat het ook in mijn eigen werkveld best spannend is. Niks is zeker. Ik ben razend benieuwd hoe de wereld er over een paar maanden uit zal zien. Welke livestreams keren nog terug na corona? Welke evenementen hebben gelijk weer budget om ook cameramensen in te huren en welke (nog) niet? Wat doen de kijkcijfers als we er straks weer massaal op uit trekken? We zullen zien... als ik je weer zie.






woensdag 24 maart 2021

held op sokken

Nog even een klein vuilniszakje met restafval in de container gooien, dat leek mij gisterenavond niet zo’n probleem. Het was weliswaar half tien geweest en we hebben te maken met die vermaledijde avondklok, maar in ons stille Vinex straatje moest dat kunnen. Dacht ik. Op mijn sokken en zonder jas liep ik naar buiten. Het was net iets frisser dan gedacht, maar de ondergrondse containers staan op nog geen honderd meter van onze voordeur. Net even de hoek om. Daar bij het parkeerterrein van het Balijepark Restaurant, wat overigens echt een aanrader is, maar dat terzijde.

Met een klap sloot ik de draaideksel van de container en liep ik weer huiswaarts. Geen kip op straat. Maar ik was nog een vijf meter van die afvalbak verwijderd toen een auto achter mij de Augustusweg in draaide. Ik hoorde hem. Koplampen prikten in mijn rug. De auto reed rustig. Ik keek om en kon niet gelijk zien of het een politieauto was, maar het schoot wel door mijn hoofd.

De stapel avondklokverklaringen in het handschoenenkastje van mijn auto groeit met de week. Ik heb een alibi’s gekregen van L1, de NOS, The Crew, NEP, Philharmonie Zuidnederland en ik heb als ZZP’er mijn eigen verklaringen opgesteld, maar dat telt natuurlijk allemaal niet als je op sokken door de buurt sluipt.

En het wás een politieauto. Natuurlijk! Dat heb ik weer.

Heel even heb ik overwogen om een steegje in te schieten en me te verschuilen, maar hoe verdacht maak je jezelf dan? Voor je het weet lok je een hele klopjacht uit en hangt er een politiehelikopter boven je hoofd. Nee, ik ging dit dragen als een man. Mocht ik die boete van vijfennegentig euro krijgen, dan zou ik hem netjes betalen. Regels zijn regels. En eigen schuld, dikke bult.

Op de hoek van de straat, waar ik moest oversteken, reed de politieauto naast me. Als ik snel zou oversteken, dan was ik thuis. Fatsoenshalve deed ik dat niet. Ik liet hem rustig voor gaan. Voor mijn neus stopte de hij. Ook dat nog. Het raampje ging langzaam open en ik zag onze vaste wijkagent. Ik groet die man altijd vriendelijk, maar verder kennen we elkaar gelukkig niet. Nog niet…

“Waar gaan wij naartoe?” 

Hij vroeg het echt. Nu kon ik een grap maken over dat woordje ‘wij’, maar dat durfde ik toch niet. Held op sokken. Ik stamelde iets over een vuilniszakje en dat ik aan de overkant woon. “Naar huis,” zei ik. Een beetje met een vraagteken. Ik hoopte vurig dat hij me liet gaan.

En dat deed hij. Gelukkig. De politie is je beste vriend. Waarschijnlijk had hij ook geen zin in alle papieren rompslomp of zag ik er betrouwbaar genoeg uit. We wensten elkaar een fijne avond en toen reed hij door. Op weg naar andere mensen die hij eventjes de stuipen op het lijf kon jagen.

Binnen werd ik keihard uitgelachen door mijn bloedeigen zoon, die het tafereeltje had gadegeslagen en die stiekem had gehoopt dat oom agent mij eens goed te grazen had genomen.






vrijdag 5 maart 2021

kabelfetisj

De coronatijd heeft heus wel zijn voordelen. Zo hoeven we in theaters, sporthallen en stadions even geen rekening te houden met publiek en kunnen we onze camera’s positioneren waar we willen. Voorstellingen zijn uitsluitend voor livestream, uitzending of opname en dus is er geen conflict meer met de belichter over de sfeer in de zaal. Camera’s zijn leading. Zelfs de door mij zo gehate groene ‘uit’ bordjes (lees ook deze en deze) bij nooduitgangen kunnen worden zonder discussie afgeplakt. Maar het aller, allerfijnste is toch wel dat we overal kabels kunnen neerkwakken. Gooi ze maar dwars over een tribune, schuin over looppaden, en voor de (nood)deuren langs. Niks afplakken, wegwerken of overspannen! Geen kabelgoten of smerige rubber matten. Niks geen gedoe met omwegen, onhandige kabelgoten of haken aan een systeemplafond, maar altijd de kortste route. Niet oplengen, maar gewoon even net iets strakker trekken. 

En we beparen een fortuin op Gaffertape! 

Zo lang het maar buiten beeld blijft is alles geoorloofd. Heerlijk. Efficiënt er in en na afloop snel weer weg. Misschien dat we dit nog wel het meest zullen missen als we straks allemaal gevaccineerd zijn en weer evenementen mét publiek mogen registreren. Hoewel... Als kabelfetisjist met een lichte dwangneurose kan ik ook echt genieten van een hele zwik strak getrokken kabels, keurig naast elkaar, netjes vastgeplakt en precies op lengte. Op het bezetene af. Maar ja, dat kom je nu dus bijna nergens meer tegen. Niet nodig. Dus toch maar hopen dat de tijd van chaos en spaghetti snel voorbij is en dat we weer echt ons best moeten doen om niemand over onze kabels te laten struikelen.








vrijdag 15 januari 2021

thuisonderwijs

  

Ik weet ook wel dat het niet voor alle ouders een feest is om thuis te werken en hun kinderen bij te staan ten tijde van lockdown, maar ik word er extreem vrolijk van. Terwijl ik dit schrijf zit ik op onze fijne werkzolder aan een lang bureau en Imme, mijn geweldige dochter van elf, heeft de plek naast mij ingenomen. Op het scherm van haar laptop staat de Google Meet van groep 8A. Ze zijn aan het rekenen. Juf Annemieke geeft instructie over het uitrekenen van de oppervlakte van een driehoek. Zo leer ik ook nog wat.

Tijdens de eerste lockdown, in het voorjaar, was het nog niet zo gestructureerd en moest ik iets vaker bijspringen, maar nu gaat het allemaal vanzelf. De kinderen van Daltonschool Apollo11 in De Meern hebben gewoon de hele dag les, zoals het normaal op school gaat. Om half negen logt Imme in en om kwart voor drie kan de computer weer uit. Klassikale dingen doen ze in ‘de meet’. Denk aan het opstarten van de dag met een gezellige check-in, alle instructies en het afsluiten. Ik hoor een dictee, ze kletsen gezellig tijdens het werken aan een tekenopdracht, de juf neemt geduldig het programma door voor na de pauze en ze hadden deze week een super leuke Kahoot quiz. Tussendoor maken de kinderen zelfstandig hun oefenopdrachten of ze werken samen met een maatje. Juf Annemieke is de hele dag te zien op het scherm en ze kunnen altijd vragen stellen in de chat of gewoon in de meet. Op afgesproken tijden komt de groep weer bij elkaar.

Natuurlijk is het beter voor de kinderen als ze gewoon naar school kunnen, als ze weer alle beschikbare materialen kunnen gebruiken en als ze weer echt contact mogen maken, maar ik geloof niet dat 8A achterstanden oploopt. Deze manier van werken maakt ze in zekere zin ook zelfstandiger en alle stof wordt ‘gewoon’ behandeld.

Als vader kan ik eindelijk eens stiekem meeluisteren. Het is interessant om te horen hoe het er op school aan toe gaat. Na twee en een halve week thuisonderwijs kan ik niet anders dan heel veel respect hebben voor de geweldige juf van mijn dochter. Daar valt of staat in het onderwijs natuurlijk alles mee en toevallig heeft mijn dochter dit jaar een juf uit duizenden. Annemieke is heel duidelijk, rustig, lief, grappig, altijd opgewekt en super positief. Ze beschikt over een jaloersmakende portie geduld. Voor zover ik het kan inschatten heeft ze precies in de smiezen welke kinderen ze even in de gaten moet houden. Aan het eind van de dag heeft zij alle tijd voor gesprekjes met individuele kinderen. Ook mijn dochter, die heel zelfstandig is en zich goed redt in deze gekke tijd, wordt zeker niet over het hoofd gezien. 

Ik vind dat het heel gezellig is in 8A. De kinderen zijn ook allemaal hartstikke schattig en lief. Ze werken heel serieus en stellen goede vragen. Eentje was deze week extra vroeg opgestaan om al zijn schoolwerk alvast af te maken. Imme doet ook uit zichzelf meer dan er van haar gevraagd wordt. Als dat het geval is, dan heb je het volgens mij als leerkracht dik voorelkaar.

Het zal niet overal net zo soepeltjes verlopen als in groep 8A van Apollo11, maar ik maak een hele diepe buiging voor alle leerkrachten in het basisonderwijs, die momenteel hun uiterste best doen om de boel bij elkaar te houden en voor juf Annemieke in het bijzonder.

 

  


woensdag 26 augustus 2020

Wende's Kaleidoscoop

Het is nog geen tien voor tien als we het nummer Mute Love van Naaz voor de tweede keer zien en horen. Ze staat op de eerste ring van de tribune in Theater Carré. Zelf sta ik een metertje of acht bij haar vandaan, maar met mijn 86x lens kruip ik in de pupillen van haar ogen. Kippenvel. Nu al. Op dinsdagochtend. En we zijn nog maar net binnen. 

De hele crew heeft een bevlogen mail van Wende gekregen, waarin ze het idee achter deze speciale editie van Kaleidoscoop toelicht. Ze wil kunstenaars en artiesten uit verschillende werelden bij elkaar brengen. Elkaar inspireren, uitdagen, verrassen en ontmoeten. Mede door zo’n lief, mooi en niet alledaags mailtje heb ik het gevoel dat wij hier niet staan als tv-crew die een kunstje komt doen, maar we zijn een onderdeel van het proces.    

De hele dag repeteren we. Het theater is rondom gevuld met bijzondere artiesten. Wende, natuurlijk. Die is steengoed. En ze heeft twintig artiesten uitgenodigd die zij hoog heeft zitten. Een gospelkoor, Froukje, S10, Pink Oculus, Naaz en Michelle David. Die kende ik nog niet. Eefje de Visser, Steef de Jong, Eric Corton, Douwe Bob, Torre Florim van De Staat, het Nederlands Danstheater, Conny Palmen, Jenny Arean en Typhoon. Ze doen voor deze gelegenheid allemaal iets speciaals. Out of the box. Een ongebruikelijk nummer of een unieke samenwerking. 

Wij filmen voor de NTR met zes camera’s. Twee lange lenzen, een handheld, een dolly, een crane en een Steadicam. Het is niet veel, maar genoeg om dit feest goed in beeld te vangen. Het betekent ook dat we harder moeten werken dan wanneer je er met tien camera’s staat. Dat houdt ons scherp. We hebben bovendien camera’s met een grote sensor, waardoor het beeld nog mooier wordt.

Ik vind dit prachtig. Dit zijn de projecten waarvoor ik cameraman ben geworden. Het is inspirerend om deel uit te mogen maken van zo ongelofelijk veel verzamelde creativiteit. Alle disciplines tillen elkaar naar een hoger plan. Wende en haar regisseur Michiel van Erp kijken op een andere manier naar de show, het licht en onze registratie dan wij gewend zijn. Hun op- en aanmerkingen zetten televisieregisseur David Grifhorst weer aan tot nadenken. Dat is toch al iemand die van een drol een verrukkelijk gebakje kan maken, maar nu moet hij op zijn tenen. Vervolgens spoort hij ons en de mensen van het licht aan om uit de comfortzone te komen en tot het uiterste te gaan. Zo zetten we in de loop van de dag alle zeilen bij. Licht, camera, beeld, geluid, de opnameleider, de assistenten, de grippers, de focuspuller, de schakeltechnicus, de regisseur, de regieassistent, redactie, productie en natuurlijk de artiesten. Maar de sfeer is buitengewoon goed, het enthousiasme en de dankbaarheid zijn groot. Je ziet het groeien. Er ontstaat iets moois. Met liefde en veel plezier gaat iedereen vandaag naar de top van zijn of haar kunnen. 

Om kwart over zeven start de opname. Het gaat in een ruk door. Alsof het live is. Het liefst doen we niks over en maken we geen enkel stopje. Dat zorgt voor gezonde spanning. Pijn in mijn nek en klamme handen.

Als Wende en Typhoon Laat me niet alleen zingen worden mijn ogen een klein beetje vochtig. Hier op deze historische grond staan allemaal geniale artiesten die door het coronavirus niet kunnen doen waar ze voor gemaakt zijn. Hun sector staat op instorten. En toch zie je de veerkracht of liever gezegd de oerkracht van creativiteit. Het spat er af. Dat zit in hun DNA. Met elkaar iets maken, iets creëren is het aller mooiste wat er is. Dat is wat muzikanten doen, maar ook wat wij doen en waar we iedere keer weer zo blij van worden. Zeker wanneer alles lukt, zoals vandaag. 

Er zijn van die dagen die eigenlijk nooit voorbij mogen gaan. Het gaat zo snel. Het gaat zo goed. Zo heerlijk. Zo zo zo... ik heb er geen woorden voor. Ze knallen het dak er af. Met elkaar halen we even alles in wat we de afgelopen maanden zo hebben moeten missen. Cultuur. We ademen weer. De mensen in deze zaal zijn met elkaar in staat om de wereld echt een stukje mooier te maken. 

Ben ik lyrisch? Dat kan kloppen.

Je moet maar even kijken als het zaterdagavond wordt uitgezonden. Het is de alternatieve opening van de jaarlijkse Uitmarkt. Om 20.10 uur op NPO2. Dan snap je vast wat ik bedoel. 

Het is vijf voor elf als ik over de gracht richting auto loop. Moe, maar oh zo voldaan. Wat een waanzinnige dag. In mijn tas het flesje hydraterende handgel dat we gekregen hebben, met een briefje waarop Wende voor ons geschreven heeft:

“Laten we eindeloos het samenkomen van de verschillen vieren.”

Dat vind ik een heel goed plan.

Wende, bedankt!




foto: Monica Hoogendoorn

woensdag 8 juli 2020

Sjakie en de Chocoladefabriek

Opeens had ik hét. Mijn gouden ticket voor de coronacrisis. Een plan waarmee ik twee gaten kon dichten. Het gat in mijn persoonlijke begroting en een gat in de markt. 

De schoolmusicalvideo. 

Dit idee ontstond eind april bij ons thuis aan tafel, toen mijn kinderen zich hardop afvroegen hoe het verder moest met de musical van groep 8, in tijden van de anderhalve meter samenleving. Een eurekamoment. Ik zou alle basisscholen van Nederland wel even helpen aan een spiffy livestream.

De volgende morgen belde ik gelijk met eventstream deskundige Jan Miltenburg en met mijn geluidsmaatje Peter Westbroek. Er waren namelijk wel een paar technische problemen die ik even moest tackelen. Op basis van deze gesprekken maakte ik een eerste opzet en met de natte vinger een begroting. Die heb ik voorgelegd aan het schoolhoofd en aan de groep 8 leerkrachten van de school waar mijn dochter zit. Ik moest natuurlijk serieus onderzoeken hoe scholen hier tegenaan keken. Zij waren direct enthousiast.

Nu moest ik vaart maken. Het einde van het schooljaar was al in zicht en door de crisis waren honderden leerkrachten hun plannen voor de eindmusical aan het bijstellen. Ik wilde een simpele website bouwen en een kloppende offerte maken voor een technisch format dat ik op alle scholen zou kunnen uitrollen. Mocht het een succes worden dan kon ik op meerdere scholen tegelijk leveren. Het musicalseizoen is immers kort, maar mijn netwerk groot.

Een dag later lanceerde het facilitair bedrijf United de webpagina ‘Red mijn musical’. Zij hadden blijkbaar precies dezelfde gedachte en waren net iets eerder dan ik. Daar baalde ik even stevig van. Nu leek het alsof ik hun idee ging pikken. Gelukkig had ik een paar getuigen en bovendien zijn er basisscholen genoeg in Nederland.

Na het lanceren van de site en het promoten op social media stond de telefoon roodgloeiend. Er waren inderdaad heel veel schoolleiders, leerkrachten en ouders op zoek naar een oplossing voor hun musical. Ik heb mijn visie wel vijftig keer toegelicht. Alle bellers waren direct enthousiast… Tot ik de prijs noemde. Mijn plan bleek veel kostbaarder dan scholen dachten. Ze hadden bijna allemaal een bedrag van een paar honderd euro in hun hoofd voor een goede registratie en een livestream. Het bleek lastig voor ze om op korte termijn de oorspronkelijke plannen aan te passen, om te schuiven met potjes geld, om aan ouders een extra bijdrage te vragen of een sponsor te regelen. Ik had mijn lat hoog gelegd en wellicht te hoog, maar ik vond het plan zo goed dat ik daar niet vanaf wilde wijken. En iets verkopen is natuurlijk ook een vak apart.

Als ik met slechts één camera, twee microfoons en een simpel livestreamprogramma had willen uitrukken, dan had ik tientallen scholen kunnen helpen, maar er zelf vooral stress van gehad en waarschijnlijk was ik dan de rest van de zomer druk geweest met het afhandelen van klachten.

Uiteindelijk bleef er één school over. De school waar ze mij kennen als bevlogen hulpouder en waar ik niet alleen telefonisch mee had overlegd. Samen hadden we goed nagedacht over de beste oplossing voor de musical en alle opties besproken. Door creatief en flexibel te zijn kon het daar wel. Geen theater, wel een video.

Afgelopen vrijdag hebben we op Apollo 11 in De Meern twee musicals opgenomen. Groep 8a aan het eind van de ochtend en groep 8b in de middag. De voorstellingen staan nu online en beleven de volgende week hun première. Daarna kunnen alle opa’s en oma’s, broertjes en zusjes, ooms en tantes de video ook bekijken en de kinderen kunnen hem downloaden om deze unieke ervaring te bewaren voor de eeuwigheid.

We hebben gewerkt met remote camera’s. Dat vond ik nogal spannend, want mijn expertise zit hem juist in bemande camera’s. Maar nu konden we met slechts drie personen een complete registratie maken met vier camera’s en optimaal geluid. Een goede geluidsman, een livestreamtechnicus/camera-operator en een zelf schakelende regisseur die voor het gemak ook de totaalcamera voor zijn rekening nam.

Als je mij begin maart had gezegd dat ik 120 dagen later deze werkwijze zou omarmen, dan had ik je vierkant uitgelachen, maar nu moet ik bekennen dat ik heel veel mogelijkheden en potentie zie. De opnamen zien er, al zeg ik het zelf, buitengewoon professioneel uit. Zeker voor een schoolmusical. Het is bovendien allemaal goed te verstaan en dat is ook een unicum bij een schoolmusical video. Zeker als je bedenkt dat we op de dag zelf niet veel tijd hadden om iets te repeteren of lang met een soundcheck bezig te zijn.

Ik moet ook zeggen dat ik nergens was geweest zonder mijn partners in crime. Jan Miltenburg heeft me ontzettend geholpen met goed advies en professionele apparatuur. Gijs Takken is een briljante livestream technicus en een razendsnelle remote operator. En Edwin Blom is een geluidstechnicus die uit precies het juiste hout is gesneden voor een klus als deze.

Achteraf ben ik blij dat ik mijn schoolmusicalvideo’s niet goedkoper heb gemaakt, want als je dit goed wil doen is het behoorlijk intensief. Nu heb ik een dag van te voren nog zitten kijken naar de generale repetities, maar als je tien musicals op rij doet, dan kan dat natuurlijk niet. Ook is dit de vorm waar ik zelf het meest vrolijk van word. Het levert echt een registratie op waar mensen naar blijven kijken en die kinderen later nog eens terug willen zien. 

Je zou kunnen stellen dat mijn businesscase niet helemaal succesvol was als ik uiteindelijk slechts twee musicals heb kunnen filmen, maar dat zie ik zelf toch anders. Ik heb er veel energie in gestoken en financieel heeft het (nog) niet zo veel opgeleverd, maar ik heb onwijs veel geleerd op allerlei fronten. Iets over het produceren van video’s, iets over livestreams, iets over het verkopen van een idee, iets over het maken van offertes, iets over efficiency en iets over nieuwe technieken. Het heeft me inzicht gegeven in andere denk- en werkwijzen. Daarnaast ben ik lekker bezig geweest, was ik zichtbaar en heb ik ontdekt dat er in mijn netwerk interessante mensen en bedrijven zitten, waar ik de afgelopen jaren te weinig mee heb samengewerkt. 

Ik hoop dat er het volgend jaar een vaccin is en dat ouders dan weer ouderwets mogen snotteren in buurthuizen en aula’s, terwijl hun kinderen op de planken staan te zweten tijdens de eindmusical. Mocht er dan toch nog iemand een hele mooie registratie van zo’n voorstelling willen laten maken, dan weet ik hoe het moet. En als je een diploma-uitreiking, een klein concert, een theatershow, een opening, een herdenking, een cabaretvoorstelling, een bruiloft, een uitvaart of een bevalling op professionele wijze wil streamen, dan mag je me altijd even bellen voor gratis advies. 



maandag 6 juli 2020

prettig gesprek

Dagboek van een ZZP'er in crisistijd

nr. 38 / dag 123



Twee weken geleden schreef ik over de online sessie van Broadcast Media Society, waar ik het als ‘inbeller’ aan de stok kreeg met Georgette Schlick, de CEO van Fremantle Nederland. We hadden op zijn zachtst gezegd een meningsverschilletje over de tarieven van ZZP’ers in de mediawereld. Schlick zei dat door de crisis budgetten zwaar onder druk staan, er de komende jaren veel minder programma’s geproduceerd worden, dat daarom iedereen water bij de wijn zou moeten doen en er alleen nog werk voor freelancers zou zijn als die bereid waren om flink met hun tarieven te zakken. Ze noemde daarbij een percentage van twintig procent. Ik viel van mijn stoel en schreef uiteindelijk, na een week piekeren, een verhaal waarin ik mijn teleurstelling en ongenoegen niet onder stoelen of banken stak. 

Dat werd door velen in ons wereldje gelezen en leidde met name onder ZZP’ers tot grote ergernis. Al een dag later stond Georgette Schlick op mijn voicemail. Zo had ze het nooit bedoeld. Ze nodigde mij uit voor een kop koffie, zodat ik kon uitleggen waarom het volgens mij niet mogelijk is om met de tarieven van freelance cameramensen te zakken en dan zou zij uitleggen waar de grote producenten op dit moment mee worstelen. Die uitnodiging heb ik uiteraard met twee handen aangegrepen.  

De vorige week maandag spraken we elkaar in Amsterdam. Ik had me super goed voorbereid. Niet vaak heb ik mijn eigen boekhouding zo gedetailleerd bestudeerd. Ook heb ik uitgebreid overlegd met een grote groep collega freelancers en ik heb gesproken met zeer ervaren cameramensen die in vaste dienst zijn. Ik had boekhouders gesproken, uitgezocht wat de winst van RTL in 2019 was en ik wist wat een freelance tegelzetter, stukadoor en automonteur verdienen.

Een groot deel van die bagage bleek overbodig. Om te beginnen bood Georgette Schlick uitgebreid haar verontschuldigingen aan voor de uitspraken die ze had gedaan bij de Broadcast Media Society en dan met name de door haar genoemde 20% tariefdaling. Ze begreep zelf ook wel dat dit niet realistisch is en legde uit dat haar opmerking voortkwam uit frustratie, die zij zelf ervaart door de enorme druk die door de zenders momenteel op de programma budgetten wordt gelegd. Deze budgetten zakken dus wel degelijk met 20%.

Omroepen zeggen dat ze door tegenvallende reclame-inkomsten genoodzaakt zijn om fors te bezuinigen op alle budgetten van producties. Daarnaast zijn er allerlei coronamaatregelen die extra geld kosten, wat niet of slechts gedeeltelijk wordt vergoed. Ook lopen de producenten grote financiële risico’s, omdat door deze pandemie veroorzaakte schade door geen enkele verzekering wordt gedekt. Dat alles nam niet weg dat ze oprecht spijt had van haar veel te koele reactie op mijn hulpvraag namens alle gedupeerde freelancers. 

Alleen was ik niet gekomen voor excuses. Ik wilde heel graag uitleggen hoeveel (of juist weinig) een freelance cameraman aan het eind van alle afrekeningen overhoudt aan een dag filmen. Dat de tarieven voor freelancers aan de facilitaire kant van onze branche al tien jaar lang hetzelfde zijn. Iedere keer als we er net een beetje bij hebben gesnoept moet het er vervolgens weer om een of andere reden vanaf. Soms direct, vaak indirect. Aan de andere kant blijven de kosten stijgen. Onder de streep verdienen we dus ieder jaar iets minder. Ik in ieder geval wel. En dan ben ik nog iemand die vaak te horen krijgt dat ik ten opzichte van veel collega’s een dure jongen ben.

Ik had een heel mooi overzicht bij me met daarop het aantal dagen dat ik vorig jaar heb gewerkt, het aantal weekenden (35!), het aantal verschillende opdrachtgevers, de facturabele uren, mijn omzet, de bedrijfskosten, de kosten voor pensioen en mijn AOV, de belastingen en wat er dan onder de streep overblijft voor mij en de drie aandeelhouders bij mij thuis. Het is een beetje appels en peren vergelijken, maar dat komt aardig in de buurt bij het netto salaris van een ervaren cameraman die in vaste dienst is bij NEP. Of in ieder geval wat ik daar zelf elf jaar geleden nog verdiende. 

Ik heb in zekere zin mijn vrijheden en in ieder geval geen baas waar ik naar moet luisteren, maar het leven van een freelance cameraman is zeker geen vetpot. Voor het bedrijfsrisico dat ik loop krijg ik niks. Het is niet eenvoudig om een buffer (die ik na deze crisis opnieuw moet aanvullen) op te bouwen. Dus in mijn ogen is het onmogelijk om nog te snijden in de tarieven van freelance cameramensen en al helemaal niet in de tarieven van geluidsmensen die sowieso al substantieel minder krijgen. Als je daar in snijdt is het voor die jongens veel lucratiever om een brommertje aan te schaffen en pizza’s te gaan bezorgen. De problemen van RTL, de NPO en alle producenten kunnen wij niet oplossen door weer een beetje water bij de wijn te doen.

Georgette Schlick was het met mij eens. Vervolgens hebben we samen zitten brainstormen hoe we dan de aankomende financiële crisis in Omroepland te lijf moeten gaan. We deelden samen de visie dat er waarschijnlijk minder geproduceerd zal gaan worden, omdat er minder geld in de markt is. En dat wat geproduceerd wordt zal voor een substantieel lager budget gemaakt moeten worden. Als we niet willen dat de makers (daaronder verstaan we dan ook de facilitaire spelers) daarvan de dupe worden, dan zullen we moeten kijken hoe we nog efficiënter kunnen produceren. Wellicht moeten we met andere technieken gaan werken en waarschijnlijk ook met minder mensen.  

Ik vrees dat onze sector gaat afslanken, dat bedrijven kleiner worden en dan blijven er uiteindelijk ook minder freelancers over, maar we moeten er wel voor zorgen dat de mensen die overblijven er ook van kunnen leven. Ervaren, creatieve en innovatieve krachten wil je binnenboord houden, maar dat zijn ook de mensen die als eerste iets anders gaan doen als je blijft rommelen aan hun dagprijzen. Dus moeten we in onze hele sector stoppen met het telkens weer uitknijpen van mensen. Dat geldt overigens niet alleen voor de freelancers, maar ook voor het personeel dat bij facilitaire bedrijven in vaste dienst werkt.

We kwamen samen tot de conclusie dat dit wel makkelijker gezegd is dan gedaan. Ik heb als freelancer last van collega’s die niet verzekerd zijn, geen pensioentje opbouwen en dus eerder kunnen zakken met hun dagprijs dan ik. Hetzelfde geldt voor grote producenten als Fremantle. Zij kunnen ook niet oneindig zakken met hun tarieven. De kleinere producenten feitelijk ook niet, maar uit noodzaak doen ze dat wel, met alle gevolgen voor de facilitaire partijen van dien. En door alle concurrentie is het natuurlijk voor opdrachtgevers op alle niveaus interessant om mensen en bedrijven tegen elkaar uit te blijven spelen.

Juist daarom is het zo ontzettend belangrijk dat we met elkaar spreken. Het gesprek met Georgette Schlick was buitengewoon prettig, verhelderend en in mijn ogen super nuttig. We moeten elkaar blijven vertellen hoe ons speelveld in elkaar steekt. Niet alleen op managementniveau, maar ook af en toe van beneden naar boven. 

Ik was heel blij met de uitnodiging. Natuurlijk zal onze wereld nu niet op slag veranderen en zal het ook niet zo zijn dat Fremantle of een van de andere grote producenten alle cameramensen gaat bellen met de mededeling dat ze vrolijk wat meer mogen factureren, maar ik weet zeker dat Georgette Schlick door dit gesprek anders naar de situatie van de freelancers kijkt. Dat zie ik als grote winst. Onze fittie is zeker niet voor niks geweest.







zondag 28 juni 2020

licht en lucht

Dagboek van een ZZP'er in crisistijd

nr. 37 / dag 115


 

Zie ik het nu goed? Heel voorzichtig flakkert aan het einde van de tunnel een lichtpuntje. Het einde is nog niet in zicht, dus voorzichtigheid is geboden. Schijn kan bedriegen. We zijn er nog niet en nieuwe donkere tunnels kunnen volgen. Het landschap is onoverzichtelijk. Niemand heeft een routekaart. Onze navigatie is op 12 maart uitgevallen en sinds die tijd hapert het systeem. Daar vertrouw ik voorlopig nietmeer op. Intuïtie, gezond verstand en goede gesprekken met verstandige mensen bepalen op dit moment de koers.

Maar…

De maatregelen zijn sneller versoepeld dan een paar weken geleden nog gedacht. Ik hoor dat er weer meer bedrijvigheid is. Offertes worden aangevraagd en de eerste voorzichtige opties staan met potlood in mijn agenda. Er zijn zelfs weer een paar ‘aanvragen op naam’ voor de komende weken. Ik durf de vlag nog niet uit te hangen, maar aan het aantal telefoontjes te merken komt de boel heel langzaam in beweging. 

Of er op korte termijn genoeg werk is voor alle freelance cameramensen betwijfel ik. Zo lang de sport niet op volle toeren draait en grote evenementen nog niet doorgaan zal de vraag beperkt blijven. Bovendien komt de zomerperiode er snel aan. 

Toch hoop ik vurig dat we vanaf nu weer vol gas gaan produceren. Mooie dingen maken, samenwerken, lol trappen en geld verdienen. Elkaar in de ogen kijken, aanvoelen wat die ander denkt en daar op inspelen. Vakmanschap, buffelen en passie. Van niets iets maken.

Misschien is het opportunisme, maar ik ben positief gestemd. Al mijn inspanningen van de afgelopen maanden werpen hun vruchten af. Zestien verschillende opdrachtgevers heb ik sinds het begin van de crisis, waaronder negen nieuwe. Ik heb een paar kleine klusjes gedaan, die ik voor het gemak mee tel, maar er zitten ook een aantal bedrijven bij waarvan ik hoop dat ze mij in de toekomst ook weten te vinden. Het zou de winst van deze crisis kunnen zijn als ik straks iets minder afhankelijk ben van de grote Hilversumse partijen. Risicospreiding is immers belangrijk. 

Deze week heb ik voor Videobrix en Miltenburg AV gewerkt. Twee vergelijkbare bedrijven die wel eens wat doen voor de omroepen, maar daar niet afhankelijk van zijn. Het viel me op hoe dankbaar zij zijn en hoe zij hun best doen om het een ervaren freelancer naar de zin te maken. Wij kunnen elkaar enorm versterken. Ik kon mijn kennis delen en tegelijkertijd veel leren van hun werkwijze. Daar werd ik extreem vrolijk van. De programma’s die we maakten worden niet door miljoenen mensen bekeken en de beschikbare budgetten waren beperkt, maar juist door super creatief te zijn, een beetje rekening te houden met beperkingen en optimaal gebruik te maken van nieuwe technieken hoefde er niet bezuinigd te worden op de tarieven van de hardwerkende mensen achter de schermen. Grappig detail is dat mijn geld binnen een paar uur na het versturen van de factuur al op mijn rekening stond. 

Ik vind hele grote tv-operaties zoals met Koningsdag, de Intocht, de Amstel Goldrace, Pinkpop, de Marathon van Amsterdam, het NK Veldrijden of de Military van Boekelo altijd super spectaculair, maar ik houd ook van klein en fijn. 

Maar goed, ik draaf nu door. Zoals gezegd zijn we er nog niet. Het voelt als dansen op een dun koord, want als ik nu te hard roep dat ik af en toe werk heb, dan krijgen opdrachtgevers wellicht ten onrechte de indruk dat ik onder de pannen ben. En wat denken de collega’s bij wie de telefoon nog niet heeft gerinkeld? Ik vind dat super lastig. Natuurlijk moeten we het werk eerlijk verdelen, maar ik heb zelf ook een enorm gat in mijn begroting. Dus kan ik eigenlijk wel schrijven dat ik alweer wat opdrachten heb? Tegelijkertijd denk ik dat het ook niet slim is om te doen alsof ik zielig ben. 

Ik trek er keihard aan en het komt niet bepaald aanwaaien. Dit is het jaar van de waarheid voor elke ZZP’er. Nu moeten we echt ondernemen. En als we aan het einde van 2020 de balans opmaken, dan hoop ik te kunnen stellen dat ik het (naar omstandigheden) goed gedaan heb. 

 


in de lift...



 

 

vrijdag 26 juni 2020

Job Rotation

Tot diep in de nacht had ik zitten prutsen met een videomontage. Het is toch anders als je een film voor een opdrachtgever maakt en er geld voor krijgt, in plaats van editen voor privégebruik of het YouTube kanaal van je zoon. Opeens moet je voldoen aan de wensen van je opdrachtgever en is het geen optie om alleen te doen wat je kent of wat je zelf leuk vindt. Zo moest ik een heel eind buiten mijn comfortzone, omdat ik gezegd had dat ik dit varkentje wel even zou wassen. Een leerzame, maar ook stressvolle exercitie die me meer tijd kostte dan vooraf begroot. 

Dit vertelde ik tegen een bevriend editor. Enigszins bezwaard, omdat ik eigenlijk zijn werk had aangenomen. Deze malle coronatijd zorgt niet alleen voor nieuwe uitdagingen, maar ook kijk ik inmiddels anders tegen kansen en opdrachten aan. Noodgedwongen moet ik pakken wat ik pakken kan. Dat begreep die editor als geen ander. Ook hij is ondernemer. Hij vertelde me dat hij onlangs een dag als geluidsman op pad is geweest. Hij herkende mijn twijfels en ongemak dus helemaal, want hoewel hij precies weet wat een geluidsman moet aanleveren, was het toch andere koek om dat ook even zelf te doen.

Er zat nog een andere editor te luisteren naar ons gesprek en die durfde opeens op te biechten dat hij een dag had gedraaid als cameraman. Gauw vertelde hij erbij dat het niet zijn ambitie is om cameraman te worden en hij wil geen enkele cameraman voor het hoofd stoten. Bovendien heeft hij twee dagen lang rondgelopen met een beurse schouder en pijn in zijn rug. We kwamen tot de conclusie dat het wellicht slimmer was geweest als ik mijn montageopdracht had uitbesteed aan de editor en als hij mij had gebeld voor dat filmklusje, maar een stukje job rotation kan ook geen kwaad. We hebben nog meer respect gekregen voor elkaars vakgebied. 

Wel vraag ik me zo langzamerhand af hoe ver het moet gaan. Een collega cameraman is een kanoverhuurbedrijf begonnen. Een ander werkt tijdelijk als hovenier. Een freelance geluidsman biedt zijn diensten aan als schilder. Een werkloze cameraman is fietskoerier en bezorgt maaltijden. Een beeldtechnicus brengt nu met zijn bus pakketjes rond voor een groot postbedrijf. Ik heb ontzettend veel respect voor deze super flexibele ondernemers. Hulde voor collega’s die niet bij de pakken neer gaan zitten of bij de telefoon wachten tot ze weer gebeld worden. 

Zelf zoek ik vooral naar creatieve mogelijkheden om binnen mijn vakgebied wat geld te verdienen. Dat is ontzettend lastig want ik ben niet de enige cameraman die zich vol enthousiasme stort op live streams, bedrijfsfilms, schoolmusicals of desnoods begrafenissen. Daarom hoop ik ook nog steeds vurig dat deze crisis tijdelijk is, dat omroepen snel meer nieuwe programma’s gaan bestellen en dat een wereld zonder grote (sport)evenementen niet het nieuwe normaal wordt. Ik wil zo graag weer doen waar ik echt goed in ben. 

 

 

Deze column schreef ik voor BM, hèt mediavakblad van Nederland en staat in het juli nummer van 2020 (jaargang 31, nr. 390). Een abonnement op Broadcast Magazine kan ik iedereen van harte aanbevelen.







donderdag 18 juni 2020

high society

Dagboek van een ZZP'er in crisistijd

(nr. 36 / dag 105)


De vorige week donderdag knapte er iets bij mij. Na afloop van de online Broadcast Media Society sessie heb ik een kwartier lang zitten staren naar het scherm van mijn laptop. De knoop in mijn maag was gigantisch. Al de hele crisis ben ik strijdbaar en vind ik mezelf gematigd positief, maar nu zakte de moed me in de schoenen. Het waren de wijze woorden van mevrouw Georgette Schlick (CEO FremantleMedia), die me het zetje gaven waardoor ik achterover kukelde in een diepe donkere put.  

Mij was gevraagd om tijdens de online meeting in te bellen met een vraag namens alle freelancers, die inmiddels meer dan 100 dagen werkloos thuis zitten. In een tot studio omgetoverde zaal van Beeld en Geluid zaten omroepkopstukken als Frans Klein (NPO), Paul Römer (Talpa Network), Boudewijn Beusmans (EndemolShine), Karin de Groot (ITV Studio’s), René Delwel (United), Ralf van Vegten (NEP) en dus zoals gezegd mevrouw Schlick. Ze werden over de complexe coronatijd aan de tand gevoeld door de altijd sympathieke Roos Moggré. Aan de andere kant van het internet keken een paar honderd geïnteresseerden uit de mediawereld mee.

Na een inleidend rondje, waarin de managers van al die grote belangrijke partijen uit de omroepwereld konden vertellen hoe ze hun organisatie in razend tempo radicaal hebben omgegooid en waarin ze aangaven dat ze inmiddels weer met iets meer vertrouwen vooruit durven te kijken, werd ik er via Zoom bij gehaald. Als “woordvoerder” van alle werkloze ZZP’ers probeerde ik een oproep te doen aan de grote bazen in Hilversum om de kleintjes niet te vergeten. Mijn idee is dat er snel meer gemaakt moet worden en dat het werk op een of andere manier eerlijk verdeeld moet worden, om de kennis en ervaring van freelancers binnenboord te houden. De beste mensen blijven niet bij de telefoon wachten tot omroepen, producenten of facilitaire bedrijven op een dag weer eens gaan bellen. Velen kunnen zich het helemaal niet veroorloven om nog maandenlang af te wachten.

Het is best lastig om dat goed te formuleren via een verbinding met vertraging. Gelukkig waren de eerste reacties begripvol, maar ik kreeg niet te horen wat ik het liefst wilde horen. Natuurlijk kiezen alle grote bedrijven nu voor ‘eigen mensen eerst’. Daar heb ik al ruim drie maanden alle begrip voor. Ik wilde vooral dat de ZZP’ers niet vergeten worden en dat er gekeken wordt wat we wél kunnen doen om de situatie te verbeteren. Samen een plan maken. Ieder brokje steun voor de ZZP’ers is welkom: Informatie, steun richting de politiek en het allerliefst verse opdrachten. 

Ik kan best tegen een stootje en ben realist genoeg om niet gelijk een oplossing te verwachten tijdens zo’n meeting. Ik werd echter hard in mijn ziel geraakt toen mevrouw Schlick het woord kreeg. Je moet het maar even terugkijken (hieronder, vanaf 31:40), dan begrijp je vast wat ik bedoel. 

Ze zei: “Het volume gaat nooit meer zo groot worden als wat het was en ook financieel gaat het ook nooit meer worden wat het was. Of het nou bij de Publieke Omroep is of bij de commerciëlen. Uiteindelijk zullen we hetzelfde moeten maken voor minder geld. Dat is gewoon de essentie, dus ook een oproep aan de freelancers: jullie kunnen je tarieven niet blijven handhaven. Dat geldt voor de acteurs, voor de cameramensen, alles. Iedereen zal water bij de wijn moeten doen.”

Waarop ik zei: “Er is geen water meer om bij de wijn te doen.” 

Schlick: “Jawel hoor. Als jij nu een job aangeboden krijgt en je moet het voor 20% minder doen, dan mag ik hopen dat je hem aanneemt, want dan heb je werk.”

Ik: “Dat ga ik niet doen.”

Schlick: “Kijk, en daar ligt een deel van de oplossing.”

Ik: “Dat kan ik niet, want ik heb net mijn buffer net opgegeten. Dan kan ik mijn arbeids-ongeschiktheidsverzekering niet meer betalen.”

Schlick: “Dan verschillen wij van mening.”

 

Ik was compleet uit het veld geslagen. Het enige wat ik gevraagd had was begrip voor alle ZZP’ers en nu kreeg ik ijskoud de deksel op mijn neus. Twintig procent! Kennelijk leeft mevrouw Schlick in de veronderstelling dat het geld aan de facilitaire kant van onze branche tegen de plinten op klotst. Ze zou beter moeten weten, want ze heeft zelf een tijdje aan het roer gestaan van dutchView. Blijkbaar is ze inmiddels vergeten dat het inkomen van een freelance cameraman geen vetpot is. Wij verdienen minder dan een schilder, automonteur of loodgieter. Om over geluidsmensen maar helemaal te zwijgen. 

Dit raakt ook niet alleen de freelancers, maar ook de facilitaire bedrijven en de mensen die daar in vaste dienst werken. De marges die deze bedrijven maken zijn piepklein en staan in geen enkele verhouding tot de investeringen die ze doen. 

In betere tijden maken we lange zware dagen, werken we op de gekste tijden en bijna altijd in het weekend. Door keihard te werken onder grote druk, terwijl we soms gekke risico’s nemen ten behoeve van allerlei programma’s en door onze ruggen en schouders langzaam maar zeker te slopen met zo’n zware camera, hebben we een buffertje kunnen opbouwen. Dat eten we nu noodgedwongen op. Op die manier betalen wij de heel hoge rekening van deze crisis. 

Een vriend van mij zei dat ik de opmerking van Schlick niet zo persoonlijk moet nemen… Maar het ìs heel persoonlijk! Dit raakt mij in iedere vezel van mijn bestaan. Het raakt mijn gezin rechtstreeks. De afgelopen maanden doe ik mijn uiterste best om er nog iets van te maken en ondertussen loopt het banksaldo gestaag achteruit. Tot nu toe kan ik geen gebruik maken van overheidssteun en betaal ik mijn belastingen keurig. Ik hoop vurig dat ik de komende maanden de hypotheek, mijn AOV en pensioentje kan blijven betalen. Nieuwe gympen kopen voor de kinderen of die grotere fiets.

Min twintig procent. Ze zei het echt. Nu. Nu we al drie maanden aan het infuus hangen…

 

In een vervolgsessie van de Broadcast Media Society zei NPO baas Frans Klein: “Er werd een beetje gesuggereerd alsof iedereen heel blij en vrijwillig een freelancer of ZZP’er is, nou dat is natuurlijk niet zo in heel veel gevallen. Het is ook de markt die dat soort situaties dicteert. En wij zitten enorm te worstelen met het vraagstuk hoe zet je nou prijzen in de markt? Dan kan je natuurlijk ook de gedachte hebben: Je kan beter een gezonde prijs voor een freelancer hoog houden en dan genoegen nemen met minder productie, dan dat je alleen maar gaat zakken. En dat je mensen bij wijze van spreken tot een bepaalde grens, ik wil niet gelijk zeggen de armoedegrens…. Ik vond het een pittige discussie.”

 

Nou, ik ook! Ik loop er al een week mee rond en heb lang getwijfeld of ik hier een stuk over moest schrijven. Natuurlijk wil ik geen fittie met mevrouw Schlick, maar ik vind wel dat alle ZZP’ers zich moeten realiseren hoe er in de top van zo’n belangrijke productiemaatschappij wordt gedacht. Twintig procent.

Zij wil koste wat kost evenveel blijven maken. Nu noodgedwongen voor veel minder geld. Ik denk dat we mensen normaal moeten belonen en dan maar minder moeten maken. Dat gaat natuurlijk ten koste van werkgelegenheid, maar liever met een kleinere club blijven leven, dan dat we er allemaal kapot aan gaan. 

Blijkbaar zit het bedingen van kortingen zo in haar DNA dat ze het zelfs op zo’n ongelukkig moment nog vol overtuiging probeert. Maar timing en empathie zijn ook managementkwaliteiten. 





















                                                                                                                                                 




.